Leest De Dikke van Dale en schrijft brieven aan vuilnismannen en presidenten

Mag ik een zakdoek en twee bier?

“Heb je ook een zakdoek?” vraagt de man. Zijn bestelling bestaat al een paar keer uit een droge witte wijn met ijs, een Jameson zonder ijs, een Vieux Cola, een kwartet Flügel, twee bier. Terwijl hij bij zijn vrienden navraagt wat ze ook al weer drinken, zet ik alles alvast op de bar.

Die zakdoek zag ik niet aankomen. “Een zakdoek? Eh.. Nee, ja, je kunt gewoon papier uit het toilet pakken,” antwoord ik. We kijken elkaar even aan.

“Eh.. wat zei je?” vraag ik.

“Heb je ook een Sambucca?”

“Oh, sorry. Ik verstond een zakdoek.” Zijn tong lag al dubbel, de rest van zijn lichaam nu ook.

Hij buldert van het lachen. Geen vriendelijke bulderlach. Meer een waarbij je je ook je tanden kunt verliezen. Hij brult naar zijn vrienden dat hij van mij zijn Sambucca in de wc mocht halen.

We geven elkaar nog een soort mislukte highfive, dus het valt mee. Een paar rondjes verder zwalken ze naar buiten. Ze dragen het alcoholpercentage van een paar vergeten gistende whiskytonnen uit 1822 in hun levers mee.

Ik heb niet veel geslapen vanochtend. Vier uur. Ik kwam om tien over zeven thuis na een nachtje achter de bar te hebben gestaan. Het was niet mijn beste avond.

Het laatste uurtje sta ik in de garderobe. Jassen van dronken mensen ophangen is niet het leukste werk dat je kunt doen, maar ik probeer er het beste van te maken. Het is een kleine garderobe, daar waar ik sta. Een soort walk in closet, ter grootte van een gemiddelde boekenkast.

“Van harte welkom in de garderobe!” zeg ik enthousiast. “Doe jij dit als serieuze baan?” Een meisje geeft het kaartje met het nummer van haar jas. Ik kijk ernaar. “Kan iemand nummer 45 even aangeven!” roep ik over mijn schouder. Haar jas hangt vlak achter me.

Er gebeurt niets. Niets achter me (dat is logisch), maar haar mond beweegt ook niet en ik had gehoopt op een kleine lach.

“Ik maakte een grapje, het is hier heel klein en ik sta hier alleen,” zeg ik.

“Je grap is niet zo sterk.”

Ik geef de jas.

Ik ben begonnen met het kijken van de serie Love op Netflix. Het gaat over onhandige dertigers die iets van het leven (en de liefde) proberen te maken.

Na gisteren voel ik me ook een onhandige dertiger die iets van het leven en de liefde probeert te maken. En dat terwijl ik achtentwintig ben.

Verder Bericht

Vorige Bericht

Geef een reactie

© 2017 Daavid

Thema door Anders Norén