,

Waarom stoppen we een overhemd in de broek? (46)

Hey blakvissen! Sorry dat ik er even niet was. In het bijzonder de excuses aan mijn ouders, aangezien zij het bezoekersaantal structureel op peil houden.

Communicatieadviseur

De afgelopen maand werd ik opgeslokt door de tijd en mijn nieuwe baan als communicatieadviseur en was er geen zuchtje pauze om het woordenboek weer eens open te staan. Het ding ging niet eens mee naar het nieuwe kantoor. Communicatieadviseur zijn, is eigenlijk geen baan: het is een identiteit. Ik bén nu communicatieadviseur en dat betekent dat ik verantwoordelijkheden heb.

Sinds twee weken strijk ik zelfs overhemden, terwijl ik dacht dat ik nooit diegene zou zijn die een gladgestreken overhemd in zijn broek zou proppen. Ik was meer de persoon die het overhemd droeg als een mislukte liefdesbrief uit de prullenbak.

Naar mijn idee zijn er twee vrijheidsbeperkende soorten op het gebied van mannenkledij: de stropdas en het overhemd dat in de broek gepropt is. Wie heeft dat ooit bedacht? Een keer bukken en je zit weer met je handen achter je rug dat ding strak te duwen. Overhemden draag ik wel, maar dan wel losjes over de broek en dan zo min mogelijk knoopjes vast. Als je van een afstand naar een overhemd kijkt, dan is het ook gewoon heel erg vreemd. Een opengeknipt t-shirt met lapjes aan de bovenkant en knopen om het bij elkaar te houden.

AVICII

Ik had ook bedacht dat ik dit jaar waarschijnlijk weinig tijd zou hebben om aandacht te besteden aan de Van Dale, maar toen Avicii afgelopen week opeens overleed, vond ik dat ik terug moest naar mijn lievelingsboek. Niets is fijner dan voelen dat je iets creëert, ook al zijn het in mijn geval enkel woorden. Avicii werd door sommigen de moderne Bach genoemd en ik denk dat Bachliefhebbers hiervan steil achteroverslaan en me zullen betichten van blasfemie, maar ik denk dat het klopt.

Ik ben een liefhebber van de muziek van Bach, maar ook een fan van Avicii sinds het eerste nummer dat ik van hem hoorde, toen nog onder zijn eigen naam uitgegeven. Ik had me aangemeld voor een studie en durfde na veel wikken en wegen ook lid te worden van een studentenvoetbalvereniging en ging mee op voetbalkamp. Dat lag mijlenver buiten mijn comfortzone; geen mensen die ik kende en daarmee meteen een weekend in een soort barak slapen. Daarnaast had ik ook niet echt het voetballend vermogen om op te leunen, maar toen ik dat nummer van Avicii door de boxen de slaapkamer in slingerde, gebeurde er iets. Ik hoorde een beetje bij de groep.

Dat werd anders toen ik een half seizoen later een bal in het zestienmetergebied cadeau deed aan een aanvaller van de tegenpartij, maar toen had ik al ontdekt dat een succesvolle voetbalcarrière in de een na laagste klasse niet aan mij besteed was. Ik had nog overwogen in die andere klasse te spelen, maar werd geweigerd omdat ik nog op twee benen liep.

Vanavond sla ik voorzichtig de Dikke van Dale weer eens open. Ik was bij blakvissen gebleven. Bladzijde 433. En morgen stop ik dat overhemd weer in mijn broek.

 

 

 

 

Vorige

Koning Bintje I en in de bioscoop wonen (45)

Blauw bestond vroeger niet en verdwijnt weer (want de wereld vergaat) (47)

Volgende