De oplossing voor de stikstofcrisis is niet simpel, maar hij staat hier wel

| | ,

Het is verbazingwekkend welke plaats de natuur inneemt in ons systeem van ‘vooruitgang’, en lachwekkend zijn de taalgrepen die worden toegepast om de natuur te verstommen in een houtgreep van voorspoedige en economische vooruitgang, haar als een gelijkwaardige partner presenteren, en vervolgens genadeloos uit te buiten, maar er is een simpele oplossing.

In het woordenboek las ik het woord ‘econologie’. Een samentrekking van ‘economie’ en ‘ecologie’, stammend uit de jaren negentig. Het paarse kabinet had bedacht dat economische vooruitgang én milieubehoud prima door een deur konden. Als beste vrienden, zelfs. De econologie faalde jammerlijk en werd als ‘de paarse symbiose van milieu en economie’ betiteld. De econologie verdampte en verdween uit de taal.

Het eerste gebruik van econologie is vaak toegedicht aan minister Wijers, maar het woord werd in 1977 al genoemd door Arelio Peccei, stichter van milieuclub de Club van Rome. Hij schreef over econologie in het boek Natuur is Duur.

Economie en ecologie kunnen prima samen

Met econologie pretendeerde kabinet-Paars dat economische groei het milieu niet in de weg hoefde te staan. Er werden prachtige plannen gepresenteerd. Vijf jaar later blikt opinietijdschrift de Groene Amsterdammer terug: ‘Het paarse kabinet omarmde de schijnbare symbiose van economische groei en milieu. In het regeerakkoord van Kok-II werd trots gemeld dat het voor vrijwel alle milieuproblemen was gelukt “een absolute ontkoppeling tot stand te brengen: de vervuiling daalt terwijl productie en consumptie groeien.” De ministers Wijers en De Boer uit het eerste paarse kabinet, beëindigden de bijna folkloristische strijd tussen de departementen van Economische Zaken en Milieubeheer, en bedachten een lelijk neologisme voor deze pacificatie: econologie.’ 1

Inmiddels weten we wel beter. Overheidsbeleid is afgestemd op economische groei en de natuur moet daarvoor wijken. Negentien jaar geleden schreef milieueconoom Sander de Bruyn2 al dat economische groei niet zomaar samengaat met een florerende natuur. Je moet als land juist meer in milieubeleid investeren om de negatieve gevolgen van die groei ongedaan te maken. ‘Eigenlijk is het te mooi om waar te zijn, en het ís ook niet waar. Het is niet en-en maar of-of: we moeten kiezen tussen óf de economie laten groeien óf het milieu behouden.’

Stikstofpenarie

En nu we – een kleine twintig jaar later – in de stikstofpenarie zitten, kunnen we in ieder geval de balans opmaken wat betreft het overheidsbeleid: dat is onveranderd. Volgens de Raad van State handelde de Nederlandse regering met haar stikstofbeleid in strijd met de wet. Ze verkondigde dat ze beschermde natuurgebieden behoedde voor vervuiling door stikstof, maar kon dat niet aantonen. Sindsdien staat het land op slot.

Wat opvalt is dat de overheid elke keer weer wegkomt met hetzelfde valse melodietje van een loflied over de evenwichtige en harmonieuze relatie tussen ecologie en economie. Met dit gearrangeerde schijnhuwelijk zijn er alleen verliezers. Er bestaat geen balans tussen economische vooruitgang en ecologisch behoud, dus er moeten keuzes gemaakt worden.

Balans, balans, balans

In Trouw werden de gevolgen van het stikstofarrest en de besluitvorming van de politiek sinds 2003 beschreven.3 In 2009 schreef premier Balkenende aan de voorzitter van de Europese Commissie dat ‘er meer balans moet komen tussen ecologische waarden en economische belangen’. Dat was in het kader van Natura2000, een pakket aan EU-regelgeving ter bescherming van natuurgebieden. Het stond economische belangen in de weg. Balkenendes ‘meer balans’ betekende eigenlijk: minder natuur. Balans tussen economie en ecologie, maar dan wel ietsje meer balans voor economie.

Vijf jaar later, in 2013, als de regering het Programma Aanpak Stikstof (PAS) heeft verzonnen om de door hun ervaren ‘verstikkende milieuwetgeving’ te omzeilen, weet staatssecretaris Sharon Dijkstra het ook mooi te formuleren: “Wij moeten onze biodiversiteit beschermen, maar wij moeten ook ruimte creëren voor economische ontwikkeling.” Daar staat eigenlijk: we moeten ruimte creëren voor economische ontwikkeling, ten koste van de biodiversiteit.

Maar

‘Maar’ is de grootste vijand van de vorige zin. Zoals je in elke aflevering van First Dates kan rekenen op een ‘maar’, wanneer de koppels aan het einde van de blinddate elkaar vertellen of ze iets zien in een vervolgdate. ‘Ik vond je echt ontzettend leuk, we konden lachen, je was hoffelijk, we praatten makkelijk, je ziet er goed uit, eigenlijk was alles perfect… Maar dan wel vriendschappelijk.’ Vriendschappelijk betekent: elkaar nooit meer zien.

Dit is ook meteen de samenvatting van decennialang milieubeleid.

Daarom hebben onderzoekers van het onlangs verschenen VN-rapport over de staat van de biodiversiteit, dat waarschuwt voor de teloorgang van een kleine miljoen plant- en diersoorten, na lang overleg besloten het voorwoord van het rapport niet door Dijkstra te laten schrijven. Ook al heeft ze zich destijds zo stellig uitgedrukt over het beschermen van de biodiversiteit, maar niet echt dus.

De oplossing voor de stikstofshit

Juridisch bezien bleek het PAS ongeldig. Logisch, want het was vooral een rookgordijn. De balans is nu opgemaakt en daaruit blijkt dat de natuur vooral veel schade oploopt (en is opgelopen) door de uitstoot van stikstofgassen. Gek genoeg verhelpen slimme constructies op papier niet dat vogels als gevolg van stikstof gehandicapt ter wereld komen en dat brandnetels heel lekker gaan.

Heeft Den Haag dan iets opgestoken van dit debacle? Nadat het PAS werd vernietigd door de rechter, bediende Minister Schouten (landbouw & natuur) zich in een brief aan de Tweede Kamer met deze klassieker: “Ik ga de uitdaging aan om de balans tussen natuur en economische ontwikkeling te herstellen.” Dat was voordat de pleuris uitbrak met boeren en bouwvakkers.

Het is niet de uitdaging om de balans te herstellen, maar om de weegschaal nu eens af te stellen op ecologisch rendement en deze boven economische ontwikkeling te prevaleren. En om te voorkomen dat het malieveld nog verder bezwijkt onder zware protesten, hoeft ze alleen het woordje ‘maar’ slim te gebruiken en de zinnen om te gooien:

‘Ik ga de uitdaging aan om onze economie te beschermen, maar we moeten ook ruimte creëren voor de biodiversiteit.’ En dan vol inzetten op milieubehoud. Over twintig jaar heeft de samenleving het pas in de gaten. Dan groeien er opeens wel heel veel bloemen in ons landje. Schande!

  1. De mythe van de econologie, economische groei is natuurlijk niet goed voor het milieu, Han van de Wiel, 20 mei 2000 – verschenen in nr. 20
  2. De Bruyn promoveerde destijds aan de Vrije Universiteit op het proefschrift Economic Growth and the Environment: An Empirical Analysis, over de verzoening van natuur & milieu en de houdbaarheid daarvan.
  3. Emiel Hakkenes, Hoe de stikstofaanpak van Nederland een fiasco werd, Trouw 1 juni 2019
Vorige

Expositie: Alle fabrieken van Nederland in beeld gebracht (zoals genoemd in de Dikke Van Dale)

Doorweekte babykleding en falderappesrompers

Volgende