Kun je gelukkig worden van waardeloze staatsloten?

Een half jaar is verstreken sedert ik het woordenboek las. Mijn zoektocht naar de zin van het leven stond in de sluimerstand. Op mijn website plaatste ik de vraag ‘wat is de zin van het leven?’ in de hoop iets te hebben aan de levensexpertise van anderen.

Dat was nadat mijn website gehacked werd, omdat ik teveel vragen stelde aan bestuursleden van een fonds en de voorzitter van een dorpsbestuur, over een schimmige geldinzameling voor een standbeeld in een klein gehucht in de Verenigde Staten, nadat ik over functionele muziek in het woordenboek las en stuitte op de bijzondere herkomst en de grondlegger van liftmuziek. (Maar dat is een ander verhaal.)

Mijn zinsvraag leverde naast enkele interessante inzichten, ook heel veel Russische spam op. Deze anonieme bijdrages deel ik graag:

Wat is de zin van het leven?

  1. Bij wijze van spreken inmiddels alweer eonenlang YouTube-bingend, Netflix streamend en kanaalzwemmend (of onledig met een navenante bezigheid) epibreren wij erop los; totdat ofwel ons impostor syndrome, ofwel het peter principle (maar dan externaliseren we in één klap de hele condition humaine), of domweg onze fatale combinatie van hypersensitiviteit en een noodlottig hoog IQ, dan wel boude domheid, alsmede de resulterende ervaring van leegte, ons godzijdank en masse doen neigen tot zingeving, tenzij het ons allegaar een rotzorg zal wezen – of we storten eenvoudigweg ineen, want zo gaat het ook vaak.
  2. Een plastic boodschappentas hoog in de boom zien wapperen.

Geluk

Waar was ik gebleven? In januari was ‘geluk’ het laastste woord dat ik las. En een perfect woord om de draad weer op te pakken, omdat geluk vaak in de zinnen van levens voorkomt. Geluk zoeken we vaker, dan ik mijn sleutels.

Volgens het woordenboek is ‘geluk’ in eerste instantie een ‘gunstige loop van omstandigheden, voorspoed die iemand zonder eigen toedoen te beurt valt.’ Het wordt ook wel ‘fortuin’ genoemd. Er staat niets over een toverbal met meer dan duizend kleuren, waarmee ik geluk al jaren associeer.

‘Geluk’ is wezenlijk anders dan ‘gelukkig’, terwijl het slechts lijkt op een vervoeging. Gelukkig ben je volgens Van Dale als je door het fortuin bent begunstigd. Geluk is de aanzet tot gelukkig, en pas als je begunstigd bent met fortuin, bereik je de staat van gelukkig.

Geluk is kortstondig, een fijne toevalligheid. Een onderscheiding van de alledaagse sores, terwijl gelukkig zich over een langere periode uitstrekt, als versiering van de sleur. Gelukkig kun je zijn, als veel ongeluk zich aandient, maar ook in ongeluk kan geluk komen kijken. Er is geen ongeluk zo groot, of er is nog een geluk bij. 1 Het een sluit het ander nooit uit. Daarin lijken ze op elkaar.

Geluk kent ook nog de betekenis van ‘het behaaglijk gevoel van degene die al zijn (aardse) wensen bevredigd ziet en zich verheugt over de hem ten deel gevallen zegen, toestand van vervuldheid.’ Klinkt als een vervelend persoon, deze degene. Iemand die hautain uitkijkt over al zijn vervulde dromen en zich vervolgens ook nog eens verkneukeld over al zijn vergaarde vervuldheid.

Walgelijk.

Bestaat geluk?

Ik twijfel aan het bestaan van geluk, maar dat is niet altijd zo geweest. Zo heb ik een jaar lang een geluksmunt – met daarop een goedlachse Ruud van Nistelrooij afgebeeld – bij me gedragen. Altijd in mijn broekzak. Altijd in de was. Het werkte als een tierelier. Niemand deed me iets, want ik had Ruud op zak.

Na de komst van het bestsellerboek The Secret dat jaren geleden opeens de wereld veroverde, viel ik van mijn geluksgeloof. Het geheim van The Secret was dat er een soort energetische dampkring van fortuin voor het grijpen ligt en dat je er alleen maar heel hard in hoeft te geloven. Natuurlijk profiteerde vooral de auteur van dit geheim. Die werd schatrijk en had er alleen complete nonsens voor op papier hoeven kwakken, tegelijkertijd was ze het levende bewijs van haar eigen gelijk en geluk. Als geluk niet bestond, dan zou zij nu niet in een jacuzzi dobberen en haar eigen geheim lekker natmaken, want er waren er toch nog miljoenen exemplaren.

Ik haat het boekje hartgrondig. Als ik het tegenkom op rommelmarkten (en deze vind je er altijd, net zoals Kochs Diner, iets van Kluun, De schaduw van de wind en een vergeelde John Grisham) koop ik het om het te vernietigen. Ik geef deze missie pas op als alle exemplaren verloren zijn. En hoewel ik voel dat een fikkende The Secret gelukkig maakt, weet ik nog niet wat het precies is.

Met geluk proberen we ons te beschermen tegen een chaotische werkelijkheid. Want als elke samenloop van omstandigheden per definitie volstrekt toevallig is, dan bestaat geluk niet. Geluk kan alleen een uitzondering op de regel zijn, als er regels zijn. Toeval bestaat niet, omdat toeval niet bestaat.

Daarnaast is geluk een behoorlijk subjectieve staat van zijn. De Van Dale overdrijft en omschrijft enkel een arrogante grootgelukbezitter, want ook bij de vervulling van kleine (aardse) wensen mag je van geluk spreken. Voor de een is dat een aangename temperatuur. Voor de ander een nougat bij een terraskoffie. Of bijvoorbeeld het overleven van een hartinfarct. Het is maar hoeveel waarde je aan zaken hecht. Geluk schuilt in kleine hoekjes, die je mist als je nooit opzij kijkt.

De omschrijving in het woordenboek impliceert ook dat geluk niet af te dwingen is. ‘(…) voorspoed die iemand zonder eigen toedoen te beurt valt.’ Dat klopt niet. Laatst had ik enorm veel geluk omdat mijn fietsband niet lek was. Er was geen enkele reden om aan te nemen dat ‘ie was leeggelopen of lekgestoken, en toch kreeg ik het in de trein plots benauwd bij de gedachte dat ik na een intensieve werkdag naar huis zou moeten lopen. Bij mijn fiets aangekomen bleek er niets aan de hand te zijn. De band was intact en ik kon zonder problemen naar huis fietsen. Gelukje!

Hoe groot is de kans om de loterij te winnen?

Mijn grootste (aardse) wens is het winnen van de staatsloterij. Dat is het geluk dat ik nastreef, maar fortuinlijk ben ik niet. Kansberekening is een enorm mankement van de menselijke geest, zelfs rationele mensen voelen dat het winnen van de jackpot een kans is van 50%. Je wint het. Of niet. De kans dat je de zes van een dobbelsteen gooit is net zo groot als de kans op een drie. Je weet het heus wel, maar je gelooft het niet.

Wat ik erg jammer vind, is dat de kans op het winnen van de staatsloterij bijna altijd wordt vergeleken met de kans dat je in een gek land op een willekeurig moment wordt getroffen door de bliksem. Ik vind dat een pessimistische voorstelling van zaken: óf je wordt miljonair, óf je sterft een gruwelijke dood (en je familie kan niet eens afscheid nemen omdat je aan de andere kant van de wereld zit).

De kans op het winnen van de loterij kan toch ook net zo groot zijn als het per ongeluk toegestuurd krijgen van een gesmolten Chocotoff van honderdvijftig kilo met de hartelijke groetjes van Jack Nicholson? Daar zou ik wel een gokje voor willen wagen. Je weet maar nooit.

Verder heb ik weinig (aardse) wensen. Ik heb al twee keer de liefde van mijn leven. Rest alleen een koophuis, en het winnen van de loterij. Sparen of gokken. Dan wint de ratio het van de emotie.

Dus kocht ik een staatslot voor de trekking van september. Met jackpot (waarom is dat optioneel?) kost de miljonairsdroom 17,50 euro. Een koopje, voor een maand lang peperdure luchtkastelen bouwen.

Toevallig vond ik ook nog een lot uit 2017 (zonder een idee te hebben waarom ik het nog in bezit heb). Het lijkt in niets op het kleurloze papiertje dat ik bij de servicebalie van de supermarkt koop voor de septembertrekking. Ik zette het als kunstwerk op Marktplaats.

De advertentie werd al snel verwijderd en mijn account geblokkeerd. Ik vroeg aan Simone van Marktplaats waarom.

De trekking op 10 september is teleurstellend. 0 euro. Ik besluit meer werk te maken van het lot. Een echt kunstwerk ontstaat uit knipsels van oude Kringlooptijdschriften. Ik plaats het op Marktplaats. Met een beetje geluk verdien ik mijn lot terug.

Klik om te bieden!
  1. blz. 1077, Dikke van Dale

wat is de zin van het leven?